Blog: Missers bij het schrijven: 5 valkuilen om niet in te trappen

Je hebt een bericht geschreven over het laatste nieuws van je organisatie. Of je hebt in een intern stuk je fantastische, nieuwe plan uitgeschreven. Of je blogt voor het eerst op de nieuwe website van je eigen bedrijf. “Goed verhaal, helemaal duidelijk!” is dan misschien wel het beste compliment dat je kunt krijgen.

Als vervolgens blijkt dat je boodschap ook echt is blijven hangen, heb jij je doel bereikt. Missie geslaagd. Was het maar altijd zo makkelijk om zulke teksten te schrijven. Hoe ben je tot die ene goede tekst gekomen? Je hebt een aantal goede ingrediënten aan je schrijfproces toegevoegd én een aantal slechte achterwege gelaten. Dat laatste is net zo belangrijk als het eerste!

Een goede voorbereiding… is geen garantie voor succes

Wat iedereen wel weet over schrijven, is dat een goede voorbereiding het halve werk is. De verleiding is groot om meteen te gaan schrijven, maar laten we er even van uit gaan dat je wel de tijd hebt genomen om je voor te bereiden. Je kent de inhoud, weet dat je lezers niet al jouw jargon kennen en verzint alvast wat voorbeelden. Je slaat misschien nog een bruggetje naar de actualiteit of bedenkt een uitsmijter. Na de voorbereiding hoef je alleen nog maar te schrijven. Helaas ben je er dan nog niet! Hoe goed je voorbereiding ook is, je kunt nog altijd in een kleine of grote valkuil terecht komen.

Weg met dat onbestemde gevoel!

Soms krijg je bij het nalezen van je tekst een onbestemd gevoel. Dit is het nog niet, denk je dan. Of je merkt dat anderen je boodschap niet hebben opgepikt of niet overtuigd zijn geraakt. Bij teksten van anderen kun je hetzelfde hebben. Je leest ze in één ruk uit, of je raakt juist afgeleid. Of je ergert je aan de manier waarop ze zijn geschreven. Vaak sta er niet bij stil waarom een tekst niet aanspreekt. Dat is zonde, want hoe beter je valkuilen gaat herkennen, hoe beter je ze ook gaat vermijden.

Aan de slag met je valkuilen

Tijdens het schrijven van de eerste versie van je tekst, hoef je niet de hele tijd bang te zijn voor missers. Voor je het weet, ga je dan naar je lege vel staren. Gelukkig zijn er zijn twee andere momenten waarop je je bezig kunt houden met valkuilen: vooraf en achteraf. Probeer bij teksten van anderen eens bewust de valkuilen aan te wijzen. Of bedenk je waarom de schrijver juist niet in een valkuil getrapt is. Zie je wat de tekst volgens jou goed maakt? Dat maakt de kans dat je zelf een misser begaat al een stuk kleiner. Na het schrijven van de eerste versie van een tekst kijk je zelf nog eens kritisch of je niet in een valkuil bent getrapt.

Bedenk of je de volgende valkuilen wel eens gezien hebt en of je er zelf ook intuint:

  1. De open deur: kom tot de kern!
    Het is heel verleidelijk. Je denkt iemand het verhaal in te krijgen met iets herkenbaars. Of een stukje uitleg dat je heel belangrijk vind. Ziezo, een mooi bruggetje naar wat je eigenlijk wil zeggen. Doe het niet. Val meteen met de deur in huis! Je kunt in je hoofdboodschap (het nieuws) wel een herkenbare situatie of voorbeeld gebruiken. Maar stel het niet uit en kom direct tot de kern! Schrap alles wat niet nodig is in je inleiding. Het zijn vaak alleen maar open deuren en ze halen al meteen de vaart uit je tekst.
  2. De lange aanloop: draai alinea’s eens om!
    Je wilt iets ingewikkelds in stappen uitleggen. Die stappen leiden naar je hoofdboodschap. Anders is die boodschap niet te begrijpen, denk je. Oh ja? In werkelijkheid is die volgorde niet altijd noodzakelijk. Speel eens met de alinea’s. Schuif de hoofdboodschap naar voren en leg daarna uit. In veel gevallen kan dat met wat aanpassing prima. De kans dat lezers afhaken tijdens aanloop is dan een stuk kleiner.
  3. De stip op de horizon: maak het doel concreet!
    Fundamenteel onderzoek roept vaak vragen op. Waarom willen onderzoekers dit weten? We zijn namelijk ook geïnteresseerd in wat het nieuws betekent voor onze toekomst. Of waar een nieuwe aanpak straks toe leidt en waarom we dus nú stappen moeten zetten. Precies daarom zetten we een ‘stip aan de horizon’. Maar soms lijkt dat verre doel teveel ‘erbij gehaald’. Het is niet concreet. Leidt onderzoek tot nieuwe behandelingen in de toekomst? Vast wel, maar maak het zo concreet mogelijk. De weg naar de horizon is net zo belangrijk als de stip zelf. Je hoeft daar niet alleen aan het eind van de tekst over te schrijven. Het kan ook meer door de hele tekst heen lopen.   
  4. De lege huls: leg wel iets uit!
    We lezen allemaal graag teksten die niet volstaan met moeilijke details. Meestal hoeven we niet exact te weten hoe iets werkt. Toch kun je hier ook in doorslaan. De tekst lijkt dan meer op een lege huls. Alleen het omhulsel is goed beschreven, het doel is duidelijk en ook waarom de betrokkenen zo blij zijn met hun innovatie. Dat is niet voor iedereen voldoende: sommige mensen willen wél weten hoe iets werkt. Je houdt ze tevreden met een paar zinnen met eenvoudige uitleg. Het hoeft niet ingewikkeld, maar helemaal weglaten vindt een deel van de lezers ook jammer.
  5. Het jojo-effect: twee oplossingen om op één niveau te schrijven!
    Hoe zorg je dat je tekst niet te moeilijk is? We zijn er vaak wel bezig tijdens het schrijven, maar slagen er lang niet altijd in. Je leest vaak teksten die eerst makkelijk lijken en dan snel ingewikkelder worden. Het niveau kan ook jojoën door de tekst heen. Als de tekst snel moeilijker wordt, dan heeft de schrijver misschien veel meer kennis dan de lezer. Het helpt om de tekst door iemand met een andere achtergrond te laten lezen.
    Jojoën kan ook een andere oorzaak hebben. Je ziet ook wel eens teksten met moeilijk taalgebruik, terwijl je toch het gevoel krijgt dat de schrijver het onderwerp zelf ook ingewikkeld vindt. De enige oplossing is dan natuurlijk om meer te lezen en vragen te stellen aan experts. Dit helpt je om meer grip te krijgen op het onderwerp. Zo kun je beter in je eigen woorden schrijven, jargon te vermijden en één niveau aanhouden.

Lees ook deze blog:

Tags

Blog

Comments are closed.

Omhoog ↑